De kracht van menselijk kapitaal

In een dialoog tussen Gertjan Endedijk, directeur De Nieuwe Veste, en Sander Roovers, aanjager DURF!, wordt er gesproken over de rol van het woord ‘kapitaal’ binnen de organisatie van De Nieuwe Veste. Volgens Gertjan zit de kracht vooral in het menselijke kapitaal.

Geschreven door Sander Roovers en Anouk van Dijk. Dit interview verscheen eerder in DURF!, een uitgave van Cubiss.

Gertjan Endedijk is van huis uit bioloog en heeft zich vooral met ecologie en didactiek bezig gehouden. Daarnaast is hij amateur toneelspeler en zanger en leest hij veel. Deze passie, in combinatie met zijn achtergrond, maakt hem tot de leidinggevende die hij vandaag de dag is.

Om te beginnen; wie is Gertjan?
”Ik begin altijd zo: ik ben de zoon van een dominee. Dit zeg ik omdat dat mij heeft gevormd. Soms vragen mensen zich af wat een dominee eigenlijk doet. Een dominee is eigenlijk alleen maar bezig om een gemeenschap te binden en ontwikkelen met woorden. Sommige dominees zetten zichzelf op een voetstuk, en sommige zijn echt dienend. Van dat laatste heb ik veel meegekregen. Daarnaast ben ik van huis uit een bioloog. Ik wist vanaf mijn achtste dat ik iets met de natuur wilde, dat zit in me, en dat heeft mijn kijk op het leven enorm be•nvloed. Binnen de biologie ben ik met name met ecologie bezig geweest. Vandaar dat ik mezelf focus op het zien van verbanden. Ook heb ik me met didactiek bezig gehouden, waarmee ik me bezig hield met leerprocessen. Ik ben iemand die lol heeft in zijn werk en vanuit een passie werkt. Als leidinggevende wil ik een organisatie, die een belangrijke rol speelt in de maatschappij, dienen. Dat is in een nutshell hoe ik in elkaar zit.”

Wat maakt dat jij vanuit de biologie, ecologie en leidinggevende functies directeur bent geworden van De Nieuwe Veste?

”Zo lineair is het niet, ik ben niet bij De Nieuwe Veste terecht gekomen via de biologie. Ik hou van kunst en cultuur, zing en speel toneel in mijn vrije tijd, lees veel en schrijf gedichten. Daar zit mijn passie en die kan ik verbinden met dingen die ik heb geleerd, en nog steeds leer. Naarmate ik ouder word lijk ik in een soort tijdklem te schieten. Er is eigenlijk steeds meer wat ik wil lezen of weten, maar er is steeds minder tijd. Het wordt allemaal ingewikkelder en complexer, terwijl je meer weet en hebt meegemaakt. Dat zei mijn vader overigens ook.’

Wil je zeggen: hoe ouder je wordt des te meer je erachter komt hoe weinig je weet?
”Ja. Je weet wel heel veel, maar je weet niet op alles een antwoord omdat alles zo ontzettend veel is. Net als met het vak biologie; het is ingewikkeld. Er hangt zo veel met elkaar samen. Je bent eigenlijk nooit uitgeleerd en uitgelezen en dat vind ik fascinerend.”

Wat zijn jouw associaties en eerste gedachtes bij het woord kapitaal?
”De eerste associatie is Karl Marx. Die heb ik vroeger bestudeerd en gelezen en ik vond hem heel ingewikkeld. Kapitaal, dat vind ik een prachtig woord. Het is veel breder dan geld of vermogen. Mijn tweede associatie is de Bijbel, daar wordt veel over kapitaal gezegd. Dat je het moet aanwenden voor de wereld. In het Nieuwe Testament staan een paar prachtige verhalen over kapitaal, over talenten. En in het leidinggeven kom je juist echt op het menselijk kapitaal, want wat wij maken doen we met mensen.”

Kapitaal, dat vind ik een prachtig woord. Het is veel breder dan geld of vermogen.

Een mooi bruggetje om over te gaan op het onderwerp ‘organisatie binnen De Nieuwe Veste’. Kun je daar wat meer over vertellen?
”Stichting De Nieuwe Veste is vier jaar geleden ontstaan uit drie onderdelen die toen een onderdeel waren van de gemeente Breda. De bibliotheek, Centrum voor de Kunsten en de Cultuurwinkel. De gemeente wilde deze niet meer in hun organisatie hebben dus is er besloten om hier een zelfstandige organisatie van te maken. Voor een culturele instelling is het een vrij grote organisatie. Er zijn tweehonderd mensen bij ons in dienst, circa tweehonderd zzp’ers werken bij ons en nog circa vijftig vrijwilligers. In de stad Breda kom je ons op allerlei plekken tegen. We zijn nog steeds heel hard aan het werken om Breda te laten zien wat wij allemaal doen.”

Dan wil ik je nog eens de vraag stellen ‘Wat is jouw associatie met het woord kapitaal?’, maar dan vanuit jouw rol als directeur van De Nieuwe Veste. Denk je dan weer snel aan menselijk kapitaal?

”Ja. Als leidinggevende heb ik geleerd dat je op een andere manier leiding moet geven aan mensen die productiewerk doen, dan aan kenniswerkers. De truc bij professionals is, en daarom vind ik kapitaal een mooi woord, om ze veel vrijheid te geven, want zij weten heel goed vanuit hun vak en passie wat ze willen doen. Alleen moet je ze wel binnen een kader zetten, anders vliegen ze alle kanten op. En dat noem ik een spel, om het kader niet te smal te maken, maar ook niet te vaag. Daarnaast werkt dit weer anders bij jonge mensen dan bij oudere mensen. Jonge mensen hebben een aantal vaardigheden geleerd waar oudere mensen veel van kunnen opsteken. De discussie van kapitaal gaat heel vaak over ouderen, wat ik erg goed vind, maar ik mis wel eens de discussie over jongeren. Ik zou het leuk vinden als jonge mensen voor een deel de organisatie gaan vormen, gaan hervormen.”

“Zodra je vertrouwen hebt kun je loslaten”

De truc bij professionals is, en daarom vind ik kapitaal een mooi woord, om ze veel vrijheid te geven, want zij weten heel goed vanuit hun vak en passie wat ze willen doen.

Als we het begrip kapitaal nu breder trekken, iets meer richting de monetaire kant van kapitaal. Als we het hebben over subsidies, verdienmodellen, geld, budgetten. Hoe gaat De Nieuwe Veste daar mee om?
”We hebben een economie gehad waarin alles blijkbaar mocht en dat heeft tot enorme uitwassen geleid. Nu zie je een soort natuurlijk tegenbeweging: er moet meer gecontroleerd worden. De gemeente wilt terecht van ons weten wat we met de subsidie doen. Terecht, en voor een deel kan dat ook heel goed. Maar in samenwerking met partners is niet altijd aan het begin even duidelijk wat de samenwerking concreet aan resultaten gaat opleveren. Dat vraagt dus om een andere verantwoording. Daarom is er hier de discussie rondom bottum up en top down zo actueel.

En hoe li‘ren de bottum up initiatieven met kapitaal? Wat is daar de link dan?

”Nou, wij zijn eigenlijk een heel interessante discussie aan het voeren. Alle mensen in Breda die met cultuur te maken hebben zitten in een soort platform, een community: Cultuur Breda. Op een gegeven moment kwam de discussie: als dat platform de cultuur gaat bepalen in de stad, moet dat platform dan ook niet het geld hebben? Als je met mij een discussie gaat voeren dat ik mijn geld af moet staan aan een ander dan ga ik mezelf verdedigen. Dat is een natuurlijke reactie. Ik voel me verantwoordelijk voor mijn organisatie. Bovendien heeft deze een bepaalde mate van deskundigheid die je ook kan verliezen. Ik zou veel liever zien dat een organisatie als deze zich ten dienste moet stellen van Cultuur Breda. Dat kan alleen maar door echt te gaan samenwerken met mensen in de stad.”

Dus het is niet zozeer dat jij een deel van het budget afstaat aan Cultuur Breda, maar meer dat De Nieuwe Veste de organisatie Cultuur Breda faciliteert met alle expertise die er in huis is?
”Ja, en daarom wil ik ook samenwerkingen aangaan. Zodat ik me ook door andere organisaties kan laten aansturen. Ik heb ondertussen met zo’n twintig organisaties uit Breda, binnen en buiten de culturele sector, hierover gesproken en dat is fascinerend. Er komt echt een soort rode draad uit. Iedereen zegt dat ze het niet meer alleen kunnen en elkaar echt nodig hebben. Dat stelt dus eisen – en dan komen we weer bij menselijk kapitaal – aan het soort mensen die je in dienst hebt, want je werkt alleen maar met iemand samen waarmee het leuk is om samen te werken. En daarbij komt dat je niet vanuit je vak iedereen moet willen overtuigen, dat is niet fijn. Men moet eigenlijk in jou ge•nteresseerd worden. Dat is misschien nog wel de moeilijkste verandering van menselijk kapitaal in organisaties.”

Als je het hebt over samenwerking met andere partijen zet jij het dus veel meer in vanuit menselijk kapitaal waardoor het geldelijke kapitaal geen rol speel of in ieder geval geen spelbreker is? 
”Nee, dat moet geen bepalende factor worden, maar een dienende factor zijn. Dat is een middel waarmee je dingen mogelijk maakt. Ik heb wel vaker gezegd: ‘het gaat er niet om hoe groot je bent, het gaat om de maatschappelijke meerwaarde die je kan bereiken met je organisatie. Als het op een andere manier beter kan, dan moet je het op een andere manier doen. Je moet het ook niet, zoals overheden vaak doen, alleen aan de markt overlaten. Dan wordt het een soort ratrace om geld en dat is het slechtste wat je kan doen. Natuurlijk moet je effectief en zuinig met overheidsgeld omgaan. Maar deze tijd vraagt naast sturing op geld vooral sturing op menselijk kapitaal.”

Wat zijn de zaken waar het soms schuurt binnen De Nieuwe Veste? Waarbij het kapitaal aan de financi‘le beheersmatige kant niet dienend is?
”Geld is macht, dus waar je het budget zet zit de macht. Toen we begonnen met verzelfstandigen was dit een vrij klassieke organisatie. De bibliotheek had een frontoffice en backoffice, Hoofd Muziek bepaalde wat er op het gebied van muziek gebeurde etcetera. Dat hebben we nu veranderd. Nu werken we niet meer met aparte sectoren, maar met programma’s. Die programma’s zijn een samenspel van activiteiten en projecten gericht op een bepaalde doelstelling. Dan moet je dus nadenken met elkaar. Als het geld niet bij een persoon zit, maar bij teams, dan gaat het een heel andere functie krijgen. Dan kun je met geld dingen mogelijk maken in plaats van er de baas over te spelen. Je zou denken dat de directeur over alle geldzaken gaat. Formeel misschien wel, feitelijk moet je dat niet eens willen. Zelf heb ik in operationele zin alleen de beschikking over een innovatiebudget.

Hoe ontstaat een innovatiebudget?

”Op een gegeven moment hebben wij gemerkt dat iedereen zo druk bezig was met zijn werk dat er geen tijd en ook geen geld was om te vernieuwen. In een gesprek met de directeur van de GGD over de koppeling van gezondheid en cultuur werd ons de noodzaak van innovatie duidelijk. Daar is geld voor nodig, anders gebeurt het gewoon niet. Dus toen hebben we besloten om een potje te maken waarvan we dat soort dingen kunnen betalen. Een potje waar je ook geld in moet durven te stoppen.”

Hoe kom je dan aan geld voor zo’n potje?
”Dat haal je van andere plekken af. In ons geval hebben we het van verschillende plekken afgehaald, bij elkaar geschraapt als het ware. In het eerste jaar heb je dan een wat kleiner budget, maar nu is het wel een aardig budget. Geen miljoenen, maar je kunt er wel bepaalde dingen mee in gang zetten waar normaal geen ruimte voor is. Als je meer spaart kun je meer innoveren.”

Je had het over de cultuuromslag die er gaande is van de budgethouder die bepaalt over het budget naar teamverantwoordelijkheid. Hoe zorg jij vanuit jouw rol dat dit proces gestroomlijnd gaat? 
”Door het vooral niet zelf te willen doen. Dat vind ik soms eerlijk gezegd heel moeilijk, maar dat is de grootste valkuil als directeur. Je moet het zelf niet gaan doen, want dan maak je het jezelf heel druk en doe je de verkeerde dingen. Ik probeer wel gesprekken met besturen van organisaties te voeren om te kijken wat zij willen en daar dan op te sturen. Een groep medewerkers hebben we een opleiding gegeven tot innoveren, gekoppeld aan creativiteit. Zo ontstaat er een grotere groep mensen die kan innoveren en zo ontstaan er dingen die mij enorm verassen. Als management is het weer belangrijk om te kijken welke resultaten innovatie opleveren en of die doorvertaald kunnen worden naar meer of ander werk. Daarnaast moet je blijven toetsen of wat je bedenkt ook daadwerkelijk door de stad gevraagd wordt. Hoe kun je die idee‘n tot een succesvol einde brengen?”

Dat is de grootste valkuil als directeur. Je moet het zelf niet gaan doen, want dan maak je het jezelf heel druk en doe je de verkeerde dingen.

Is het geen vreemde benadering om een innovatieteam samen te stellen? Is het niet handiger om een manier te vinden waarmee je het innovatievonkje bij iedere medewerker kan laten ontvlammen?
”Ja, dat is ook wat we proberen. Het is de bedoeling dat de mensen die deze opleiding hebben gevolgd, andere medewerkers waarmee ze in een project samenwerken leren hoe je innoveert. Dit doen we ook met de opleiding projectmatig werken. We hebben een persoon een zware opleiding laten volgen, deze is de expert, en inmiddels zijn er ongeveer dertig projectleiders. Het leuke is dat je ziet dat die mensen zelf ook de kwaliteit van het projectmatig werken weer verder brengen. Zo weet ik als directeur ook niet meer precies wat er op dat terrein gebeurt, maar dat is alleen maar goed.”

Dus je doet je werk goed als je het niet druk hebt?

”Ja, dat is zo. En niet druk is: niet druk met allemaal afspraken en klussen, maar wel druk met nadenken of we nog met de goede dingen bezig zijn. Cruciaal is dan wanneer je rustig wordt in zo’n situatie. Dat is als je kan vertrouwen dat mensen dingen doen die we hebben afgesproken en dat mensen overleggen als ze tegen dingen aanlopen die ze niet zeker weten. Zodra je dat vertrouwen hebt kun je loslaten en dat is in deze tijd misschien wel het allerbelangrijkste.”

Je gaf eerder aan dat managen voornamelijk inhoudt de medewerkers veel vrijheid te geven en zelf zorgen voor kaders. Is het niet zo dat deze zelfde dynamiek speelt tussen de gemeente Breda versus De Nieuw Veste?
”Ja, dat zie je heel goed, daar zit inderdaad dezelfde dynamiek in. Belangrijk is dat een gemeente goed doelen kan formuleren. Anders wordt er alleen op activiteiten gestuurd. De scherpte in die doelstellingen is erg belangrijk. En ik snap goed dat een gemeenteraad geen zin heeft in wat vage afspraken.”


Laatste vraag: geloof jij in een boetevrije bibliotheek? Als je het hebt over kapitaal en vooral de geldelijke vorm daarvan?
”Ja, wel. Ik denk dat het hele leensysteem als drager van de bibliotheekfunctie uiteindelijk gaat verdwijnen. Ik denk dat een bibliotheek vanuit haar oude rol veel belangrijker gaat worden: het bij elkaar brengen van kennis en mensen rondom bepaalde thema’s en dit ook relevant maken in de lokale context. Ik ben ervan overtuigd dat mensen altijd kennis en bronnen blijven raadplegen, ook al gaan de veranderingen hard. De vorm waarin zal zeker veranderen en zal ook steeds moeilijker te voorspellen zijn. Zo zijn we op dit moment in gesprek met jongeren om erachter te komen waarom zij een bibliotheek nog interessant vinden. Nou, niet omdat je er lid van kan zijn. Integendeel. Het gevoel van vrijheid en onafhankelijkheid is super belangrijk voor hen. Leren in vrijheid. Misschien de mooiste vorm van menselijk kapitaal.”

Ga voor meer informatie naar www.nieuweveste.nl

Geen reacties

Geef een reactie