Maakt BTW verhoging definitief een einde aan de dorpskermis?

De zomer staat voor de deur en we zijn inmiddels midden in het kermisseizoen beland. Simon vroeg zich namens Mestmag.nl af hoe het ervoor staat met de Brabantse kermis. En nu actueel: maakt de BTW-verhoging definitief een einde aan de dorpskermis?

Geschreven door Simon de Wijs

Meer dan helft van de Nederlandse kermissen vindt plaats in Brabant en Limburg. Het overzicht van Brabantse kermisdata leert ons daarbij dat er op ieder moment vele kermissen te bezoeken zijn. De grootste kermis van Brabant, van de Benelux zelfs, die kennen we allemaal wel. Dat is de Tilburgse kermis die elke editie ongeveer 1,5 miljoen bezoekers trekt, waarvan alleen de fameuze Roze Maandag er al 300.000 tot 400.000 noteren mag. De ruim 200 attracties staan jaarlijks over een lint van 3 kilometer en transformeren de gehele Tilburgse binnenstad over een periode van 10 dagen tot een tijdelijk pretpark voor beleving en verbeelding. Deze tamelijk unieke kermis vertelt echter niet het doorsnee Brabantse verhaal.

De klucht Son en Breugel

Het gros van de kermissen vindt plaats in de vele dorpen die Brabant rijk is. Er staat soms maar een handvol attracties. Bezoekersaantallen, en dus inkomsten voor kermisexploitanten, vallen tegen. De dorpskermis staat onder druk. Dat is niet iets specifiek van deze tijd. Lokale media berichten in de zomerperiode al sinds jaar en dag over in het nauw verkerende Brabantse kermissen. Zo valt dit jaar Son en Breugel op met de klucht van twee over geluids- en verkeersoverlast klagende omwonenden (dat doen ze trouwens ook al jaren) die hun zaak tot bij de Raad van State wisten te brengen. Gevolg: bestemmingsplan van de gemeente rond evenementen werd vernietigd en de kermis kon geen doorgang vinden. Om vervolgens via een collectieve protestactie van kermisexploitanten en bewoners plus een ‘maas in de wet’ tegen alle verwachting in alsnog door te gaan. Hierbij was er sprake van gatenkaas in het parcours door wegblijven van exploitanten, stond de muziek van de attracties dermate zacht dat het de kermissfeer verminderde en was het bezoekersaantal zo tegenvallend dat van economische rentabiliteit weinig sprake zal zijn geweest.

De dorpskermis belandt in vicieuze cirkel

Voor het gros van de kermissen is het verhaal minder smeu•g en geldt een veel eenduidiger reden van onzekerheid over het voortbestaan. In een onderzoek door de Vereniging Kleine Kernen Noord-Brabant (2014) bleek dat in meer dan de helft van de Brabantse kleine dorpen de kermis daadwerkelijk onder acute druk staat. Vrijwel altijd komt dat doordat ondernemers de kosten simpelweg niet meer kunnen opbrengen. Illustrerend is een quote uit het onderzoek “In Dorst staan nog twee attracties en drie kraampjes. Halverwege de eerste dag van de plaatselijke kermis heeft de oliebollenverkoper precies veertien oliebollen verkocht. Hij geeft aan dat hij nog steeds graag op dergelijke kleine kermissen komt, de sfeer is er veel beter dan in de grote stad. Maar tegelijkertijd moet er natuurlijk wel een boterham verdiend worden.” De kermis trekt minder publiek en kermisexploitanten vinden het steeds minder aantrekkelijk om er te gaan staan met hun oliebollenkraam, botsauto’s of zweefmolen. Minder attracties betekent op zijn beurt weer minder bezoekers. Zo ontstaat voor je het weet een vicieuze cirkel die maar moeilijk te doorbreken is.

Overlevingsdrang leidt tot clustering en samenwerking

Om toch de kop boven water te houden zie je dat verschillende overlevingsstrategie‘n ontstaan. Een logische en gebruikelijke strategie is een clustering met andere activiteiten die in het dorp plaatsvinden zoals braderie, jaarmarkt, wielerronde of muziekfeest. In Lepelstraat organiseert de Stichting Braderie Lepelstraat al jaren kermis en braderie tegelijkertijd en in het naastgelegen Halsteren wordt dit door Stichting Muziekvereniging St. Cecilia voor komend jaar ook opgepakt. Ommel pakt het anders aan. Daar worden burgers geactiveerd om voor 25 euro per jaar ‘supporter van de kermis’ te worden en kermisexploitanten kregen in Ommel vorig jaar het stageld en de elektriciteit gesponsord. Beers kiest voor ‘back to basic’ en sociale cohesie. De historische functie van de kermis als plaats van samenkomst stellen ze daar centraal en hippe snelle attracties horen niet in het dorp. In Ossendrecht staat nadrukkelijk de verplaatsing terug naar het centrum van het dorp op de agenda om dan gemakkelijker samen te kunnen werken met de horeca en om voor de toekomst een win-win met de wielerronde te kunnen cre‘ren.

Geen 13 in een dozijn oplossing

Om de dorpskermis rendabel te kunnen laten draaien, zal voor elke specifieke situatie gekeken moeten worden welke win-win situaties met welke lokale betrokkenen gemaakt kunnen worden. Waar in het ene dorp activeren van vrijwilligers een oplossing kan zijn, daar geldt voor andere (naast elkaar liggende) dorpen misschien dat gezamenlijke inkoop van attracties en afstemming in de jaarkalender de kermis levensvatbaar houdt. Waar in het ene dorp sponsors te vinden zijn die stageld of ritprijs willen verlagen, daar werkt in een ander dorp juist de clustering van activiteiten en evenementen. Cruciaal is het gesprek tussen de betrokkenen te activeren en te voeren om gezamenlijk naar oplossingen te zoeken. De oplossing zal voor elke specifieke situatie verschillend zijn. Duidelijk is wel dat de kern van het vraagstuk van voortbestaan meestal in de financi‘le hoek ligt. Als er niets te verdienen is voor de exploitanten, dan zijn er geen attracties en is er dus geen sprake meer van een kermis. En alle goedbedoelde oplossingen ten spijt, in die financi‘le hoek lijkt nu juist een extra grote tik uitgedeeld te worden door de 15 juni aangekondigde BTW verhoging voor de vrijetijdssector.

BTW verhoging doodsteek kermisbranche?

Het is niet de eerste keer dat de kermisbranche te maken heeft met deze dreiging. In 2007 werd al eens een verhoging van 6% naar 19% aangekondigd, wat tot veel acties leidde waaronder massaal protest met ‘light sticks’ op de Tilburgse Kermis waar de attracties 13 minuten stil stonden. Destijds is er uiteindelijk van de verhoging afgezien. Recentelijk kondigde de overheid dus een nog iets forsere belastingophoging aan, te weten van 5% naar 21%. Deze geldt niet alleen voor kermissen maar voor de breedte van het vrijetijdsaanbod waardoor bijvoorbeeld ook schouwburgen, festivals, pretparken, circusbranche en bungalowparken getroffen worden. De vrijetijdsbranche heeft direct actie ondernomen met het lanceren van de website ‘nee tegen meer btw’. Specifieker vanuit de kermisbranche wordt ook flink actiegevoerd. Zo zal dinsdag 30 juni een landelijke protestactie van kermisexploitanten en circusbranche plaatsvinden op het Malieveld in Den Haag door het optuigen van een protestkermis. Daarnaast is een online petitie te tekenen. De reacties op deze petitie spreken boekdelen, het water staat de branche aan de lippen: “Ze mogen het oudste volksvermaak van Nederland niet vermoorden”, “De kermis wordt straks onbetaalbaar”, “Het gaat al slecht in de kermisbranche. Als de btw-verhoging doorgaat, wordt dit de doodsteek”.

Kijk dus toch eens op het overzicht van kermisdata of je in de mogelijkheid bent een dorpskermis te bezoeken deze zomer. Want als alle protesten en petities ditmaal tot niets blijken te leiden, is het maar de vraag of er voor de dorpskermis nog bestaansrecht overblijft.

Geen reacties

Geef een reactie