Met Peter Pan Speedrock in Berlijn

Peter Pan Speedrock uit Eindhoven stopt, maar eerst nog een laatste ronde langs de naar pis, pils en zweet meurende rockclubs van Europa. We zochten de luidste band van Nederland op in Berlijn. Stad van de punkkroegen waar je kunt zuipen tot alles er in ŽŽn regenboogstraal weer uitkomt. Dat deden we dus ook. Ready? Let’s go!

Geschreven door Thomas Snoeijs, illustraties door Suzanne Hertogs
Dit artikel staat ook in MEST magazine #14, maar nu inclusief PPSR bumperstickers!

Piet is kwijt. Uiteraard, hij zal godverdomme een keer níet kwijt zijn. Net stond-ie nog naast ons op de stoep bij rockcafŽ Wild at Heart: zijn rug hol getrokken, neus omhoog om het ochtendgloren te inhaleren en de handen op heuphoogte, als een pistoolheld die elk moment zijn revolver kan trekken. Maar nu – om half zeven in de ochtend – zwerft hij ergens door Berlijn; ongewapend doch gevaarlijk. 

“Als Piet kwijt is rinkelen de alarmbellen in mijn kop”, zegt Bartman terwijl hij zijn noeste vuisten op het achterhoofd slaat. Na een nacht stevig zuipen is de bassist van Peter Pan Speedrock opeens weer kraakhelder. “We zijn Piet al eerder kwijt geweest in Berlijn. Toen werd hij ‘s ochtend in een park wakker geschud door een vrouw met ŽŽn tand. Het arme mens dacht dat-ie dood was.” Bartman lacht niet, Bartman pakt zijn telefoon.

Tuut tuut tuut, geen gehoor. 
“Da’s niet best”, mompelt hij.

De ‘Piet’ die we zoeken is Peter van Elderen. 49 jaar, vader van drie zonen en voorman van Peter Pan Speedrock. Hij ging zojuist – “zo zat als tien apen” – een taxi naar het hotel regelen, maar kwam niet meer terug. De tijd dringt een beetje, want over drie uur vertrekt de tourbus weer naar huis; dan is er even een pauze in de afscheidstournee die de band al in Frankrijk, Spanje, Amerika en Japan bracht.

<!–[if gte mso 9]> <“

Gewone Dennis <!–[if gte mso 9]>

Godallemachtig. De avond wordt wazig. Steeds waziger. In punkcafŽ Wild at Heart slaan we Piet op zijn bezwete rug, precies op de plek waar hij een reusachtige Peter Pan Speedrock-tatoeage heeft. Goeie show! Hij, nog steeds hijgend en puffend: “Het was wel een zware wedstrijd, gisteren in Dresden ging het publiek veel makkelijker mee. Maar hŽ, godverdomme, het was mooi!”

Dan springt Kleine Bart tussen ons in. Hij houdt een dienblad omhoog; kleine glaasjes kattenpies. Wat is dat? “Lekker! Hier, zuipen joh.” Heftig spul. Nog maar een halve liter bier om het weg te spoelen.
Chrisi Brack, de Duitse boeker van Peter Pan Speedrock, schreeuwt boven de muziek uit. “Ik werk al vijftien jaar met deze jongens en het zijn schatten. Echt waar. Nooit gezeur, altijd spelen, ongelooflijk. Het maakt ook niet uit waar ik ze neerzet, de tent staat toch altijd ramvol. Zonde dat ze stoppen!”

Vier uur. Opnieuw Kleine Bart met zijn dienblad: “Hier, lekker!” OkŽ, nog eentje dan. Zijn vriendin Krista neemt er ook een. “Weet je wat het is”, zegt ze. “Die mannen komen heel stoer over, maar het zijn de liefste gasten die ik ken. Ze hebben allemaal lange relaties, dat maakt hen loyale jongens. Dat moet ook wel als je zo lang in dezelfde band speelt.” Maar aan alles komt een eind, concluderen we samen. Tja, nog maar een biertje dan. Proost.

Dikke knuffel

De nacht sprint verder. Om vijf uur lopen we Piet weer tegen het lijf in de kroeg, zo zat als achtenhalve aap inmiddels. Een dikke knuffel. “Mooi man!”, roept hij, zonder te defini‘ren wat er precies mooi is. Maar we zijn het eens, het is mooi.

Half zeven alweer. Jointje? Ja lekker. Voor de deur bij Wild at Heart klaagt een uitsmijter dat hij nuchter moet blijven voor zijn werk. Bartman knikt: “When it comes to alcohol our job is easy.” Er staat een meisje in de deuropening, ladderzat en uit op seks. Ze staart naar de bassist en hij (gelukkig getrouwd) staart terug. “Hup, raus gehen!”, roept roadie Pieter, waarop ze stampvoetend vertrekt.

Bartman ontwaakt uit zijn roes.
“Waar is Piet?”
Kut, Piet kwijt.

Wenteltrap

Geen reacties

Geef een reactie