Private investeerders in de kunstsector

Wie in de cultuursector op zoek is naar financiering, denkt snel aan subsidies, crowdfunding of een lening. Een andere, minder bekende maar net zo re‘le, optie zijn private investeerders oftewel business angels. Cultuur+Ondernemen legt zeven vragen over deze financieringsvorm voor aan Lex van Teeffelen, lector Financi‘le en Economische Advisering aan de Hogeschool Utrecht.

Dit artikel verscheen eerder op Cultuur+Ondernemen.

Wie verstaan we onder private investeerders?

‘We hebben het hier niet over een familielid dat zijn steentje bijdraagt. Het zijn vaak vermogende mensen met een hart voor kunst. Ze hebben ergens goed geld in verdiend en zijn toegewijde kunstliefhebbers. Ze zijn bereid uit interesse een kunstenaar of organisatie verder te helpen met hun vermogen en hun netwerk. Ze doen dit zelfstandig maar kunnen ook verenigd zijn in een collectief.’

Met welk doel wordt ge•nvesteerd in de cultuursector?

‘Het is vaak uit interesse. Het gaat lang niet alleen om winst, want het zijn risicovolle investeringen. Een investeerder moet bijvoorbeeld een lange adem hebben om de doorbraak van een kunstenaar mee te maken. We zien dan ook veel zogenaamd warme investeringen: niet om veel geld aan te verdienen, maar vanuit waardering en interesse voor de kunstenaar of organisatie en het werk. Of om als talentscout te boek te staan.’

‘Er zitten wel steeds meer partijen bij die het als een koude investering zien. Het is tegenwoordig, met de lage bancaire rentes een steeds interessantere optie om rendement te halen. Bijvoorbeeld in sectoren als mode, design en film, waar het vaker draait om een team. Belangrijk voor een investeerder is wat de internationale ambities zijn, wat het internationale speelveld is en de mate van schaalbaarheid, de groeipotentie, van een onderneming.’

Hoe kom je in contact met mogelijke investeerders?

‘Dat is lastig. Vermogende mensen willen vaak niet bekend worden. Het gaat altijd via via. Een kunstenaar moet ze proberen te vinden in zijn eigen netwerk. Vaak zitten ze er al in, maar staat diegene er niet bij stil. Als je een expositie hebt en iemand is ge•nteresseerd en zegt dat hij je wil helpen, praat dan eens door. Maak een afspraak om kennis te maken. Spreek mensen aan op hun hart voor kunst en nooit direct op hun geld.’

‘Houd ogen en oren open en spreek mensen aan op eindexposities of bij deelname aan prijsvragen. Ga ook eens googelen of kijk in het Fondsenboek. Veel vermogende families hebben stichtingen voor dit doel opgericht. Wie zijn die families en wat is de achtergrond van de betreffende stichting of het fonds? Kijk ook naar cultuurraden, wie zitten daarin? En sla er desnoods de Quote 500 eens op na.’

Welke afwegingen moet een kunstenaar of organisatie maken bij het aangaan van een samenwerking met een private investeerder?

‘De belangrijkste afweging: weegt de investering op tegen de afspraken die eraan hangen? Hoe groter het bedrag, hoe harder de afspraken en hoe meer invloed iemand vaak wil op het creatieve proces. Ben je bereid je te laten sturen? Hoe kun je tegelijk je onafhankelijkheid bewaren?’

De belangrijkste afweging is of de investering opweegt tegen de afspraken die eraan hangen.

Hoe verloopt zo’n samenwerking meestal?

‘Het is een geleidelijk proces. Het begint vaak klein, bijvoorbeeld met het financieren van een expositie of een eerste collectie in de mode. En daarna een expositie in het buitenland of een couture collectie, via het netwerk van de investeerder. Voor het aangaan van een relatie met de investeerder voor de langere termijn, is het dus belangrijk dat er een lange termijn planning is en dat hierin meerdere projecten naast elkaar kunnen draaien. De investeerder heeft dan zicht op de continu•teit. Het is gunstig als de samenwerking op kleine schaal kan worden gestart, met mogelijke uitbouw naar grotere (gezamenlijke) projecten.’

‘Soms wordt een grote opdracht door de investeerder gegund, die weer kan leiden tot andere opdrachten. Investeren in een individuele kunstenaar blijft een enorm risico omdat alles afhangt van deze ene persoon. Mensen zullen daar voorzichtig mee omgaan.’

Wat zijn de voor- en nadelen van de samenwerking met een private investeerder?

‘Het grootste nadeel is de invloed en sturing die een investeerder wil. Daar moet zakelijk mee worden omgegaan. Leg de rechten en afspraken goed vast. Wil een investeerder commissie? Spreek af over welke werken hij die krijgt. Wil een investeerder een aandeel in jouw bedrijf? Beoordeel het voorgestelde winstdelingspercentage en de mate van instemming. Ben je niet zakelijk genoeg, neem dan iemand uit je directe omgeving in de arm die dat wel is.’

‘Een belangrijk voordeel is dat je van een private investeerder niet alleen geld krijgt, maar ook veel kennis en ervaring met advies en praktische tips over de bedrijfsvoering. Daarbij hebben ze een groot netwerk en kennen ze vaak mensen in het buitenland. Waar je  kunt exposeren of een nieuwe markt kunt aanboren. Of je krijgt, na die opdracht voor hen, meer opdrachten van mensen uit hun netwerk. Contacten zijn ook heel waardevol.’

Eigenlijk begint ondernemen pas bij het plannen van meerdere investeringsrondes na elkaar.

Hoe bereid je je voor op de aandacht van een private investeerder?

‘Kunstenaars moeten veel meer gaan denken als ondernemers. Denk aan de markt, voor wie jouw werk interessant is. Maak van jezelf een merk. En denk aan de lange termijn. Het is leuk om te zien welk werk je al hebt gemaakt, maar nog belangrijker om te weten waar je naartoe wil. Organisaties zijn al veel meer markt- en klantgericht. Zij moeten aandacht hebben voor het groeikapitaal dat nodig is, waarbij investeerders goed onderzoek zullen doen naar de cijfers en de verwachtingen van het bedrijf. Eigenlijk begint ondernemen pas bij het plannen van meerdere investeringsrondes na elkaar.’

Cultuur+Ondernemen draagt bij aan een gezond Financieel Ecosysteem Cultuur. In de aankomende periode besteden ze meer aandacht aan verschillende mensen uit dit ecosysteem. In het ecosysteem staat de verbinding tussen kennisdeling, netwerken en financieringsmogelijkheden centraal.

Dit artikel verscheen eerder in de nieuwsbrief van Cultuur+Ondernemen, kenniscentrum voor ondernemerschap in de cultuursector. Wil je hun nieuwsbrief ook ontvangen, schrijf je dan hier in.

Geen reacties

Geef een reactie