gevoed door Kunstloc Brabant
~

“Oh, en dan is er nog iets.”

Het ontwerp voor het affiche lag al een tijdje op tafel, als een puntje van discussie.

Ik keek uitnodigend en welwillend naar de overkant, maar mijn maag zag de bui hangen.

“De kleur van de grond.”

Wat is daar mee, dacht ik.

“Het is te donker, te somber. Het lijkt te veel op modder”.

Ik voelde iets van zuur opkomen.

“De wethouder is bang dat de mensen gaan denken, als ze straks dit affiche zien, dat wij met modder gaan gooien naar de boeren.”

Ik reikte naar mijn glas water.

“En trouwens, het lijkt op klei, deze grond. En dat klopt niet. Wij zitten hier op het zand”.

Rustig slikte ik door.

~

Vooral de laatste decennia, niet toevallig het era van de neoliberalen, wil men graag dat de kunstenaar zich als een ondernemer gedraagt, lees: de eigen broek ophoudt. Net als gewone middenstanders of multinationals (alhoewel die laatsten natuurlijk regelmatig in het zadel worden geholpen door Rutte c.s., maar dat terzijde). Dat idee gaf vooral gedoe, lieve kinderen, vanaf het moment dat staatssecretaris Rick van de Ploeg het begrip ‘publieksbereik’ in de mond nam. Het effect van kunst moest meetbaar worden vastgelegd. Aanvankelijk ging het nog vriendelijk om prestatieafspraken, intussen is het smart-invullen van een of ander impactcanvas van meer belang dan een goed, artistiek plan. Dan kan de ambtenaar in kwestie die eigenlijk niks met kunst heeft in elk geval het budget verantwoorden, want geld is niet gratis en de sommetjes moeten wel kloppen natuurlijk. Ofwel, meten is weten en als je het niet meer weet, kun je het altijd nog meten. (Genoeg nu, brommende oude man.)

~

Creatief brein

Maar een kunstenaar hóeft zich niet als een ondernemer te gedragen. Een kunstenaar ís namelijk een ondernemer: iemand met een idee die dat gaat uitvoeren. Een kunstenaar is behept - gave en handicap ineen - met een creatief brein. Een hersenpan die altijd schept. Telkens weer, telkens anders. Een kunstenaar heeft altijd een idee. Om werkelijke waanzin te voorkomen, weet een kunstenaar dat rusteloze brein maar beter tegemoet te komen door lucht te geven aan die ideeën en ze simpel uit te voeren en hup, voor je het weet, heeft de kunstenaar alweer iets ondernomen. Of een nieuw idee gekregen.

Waarschijnlijk omdat dit scheppende proces continu en vanzelf verloopt - natuurlijk dwangmatig - en steeds vanuit de kunstenaar zelf start, ontstaat er vaak een soort koudwatervrees op het moment dat zomaar iemand anders de kunstenaar iets vraagt te bedenken of te maken. Oei, een impuls van buitenaf. Hoedt u voor opdrachtgevers. Die willen vast iets van je. Opdrachtgevers en subsidiënten hebben namelijk niet alleen middelen, ze hebben ook een vraag en hoe gaat de kunstenaar daar dan mee om. Die heeft immers niet per se een vraag nodig om aan een aanbod te komen. Die maakt uit zichzelf al.

'Een kunstenaar ís namelijk een ondernemer: iemand met een idee die dat gaat uitvoeren.' Peter Dictus
~

Niet betaald

Dat gegeven - het aanbieden zonder vraag - maakt de kunstenaar ook kwetsbaar. ‘Hoezo betalen? Jij doet dit toch zo graag, het is toch je passie?’ Denk aan Bril Bernhard die Chef’Special gratis wilde boeken op zijn racebaan. De pandjesbaas sluit met zijn belediging naadloos aan op de houding van de meeste mensen in dit land. Bij de tweede kamerverkiezingen publiceerde De Volkskrant een lange lijst van politieke thema’s, gerangschikt naar de prioriteiten van de kiezers. Kunst stond stijf onderaan. “Het zit heel diep in de Nederlandse cultuur, het is ook een effect van het calvinisme om te denken: alles wat franje is, dat hebben we niet nodig.” (Museumdirecteur Jacqueline Grandjean:, Volkskrant, 10 september 2021). Zie hier, de staat van kunst en cultuur: de linkse hobby die niet betaald hoeft te worden.

Door dit soort diepgewortelde, breed gedeelde misvattingen, om niet te zeggen: door de collectieve minachting die voor kunst en cultuur vaak zo lekker makkelijk wordt geventileerd, zelfs door beleidsmakers en politici, levert het werken in opdracht voor de kunstenaar een soms akelig spanningsveld op, met volop argwaan en wantrouwen. Of het nou om de overheid of het bedrijfsleven gaat. Gaat de betalende partij bepalen dan wat de kunstenaar moet maken? Waar blijft dan de vereiste vrijheid? Is kunst te koop, op bestelling leverbaar? Er zijn kunstenaars die hier uitstekend mee overweg kunnen. Er zijn er ook die zo’n ‘vraag uit de markt’ als een pact met de duivel zelf zien.

~

Maak je de vraag van de ander eigen

Zeker als het gaat om de goede zaak - zoals een belangrijke maatschappelijke kwestie - lijkt mij de vraag van de ander in beginsel gewoon een legitieme uitnodiging om je creativiteit in te zetten. Als variant op de eigen, natuurlijke drang om te scheppen. Oké, de noodzaak komt niet uit je zelf, maar dat kan nog komen. Het enige wat je als kunstenaar moet doen is de vraag van de ander eigen zien te maken. Dat betekent dat je je moet verdiepen in de materie van die ander, op zoek moet gaan naar jouw eigen fascinatie, belang of opvatting in de thematiek van de potentiële opdrachtgever. Niet meer en niet minder.

~

Bewaak je grens

Je moet ervoor zorgen dat het jouw vraag wordt en dat het jouw vraag blijft, zodat het ook deze keer jouw onderneming is. Dat vergt niet alleen een verplaatsing in de vragende partij, maar ook een voortdurende oplettendheid. Vooral aan de voorkant, zoals dat in bepalende kringen heet. Zorg dat je zo snel mogelijk te weten komt wat de vragende partij precies van je vraagt en onder welke voorwaarden. Zorg daarbij dat je vrijheid beschermd blijft; geborgd, heet dat in diezelfde entourage vaak. Leg je bevindingen en opvattingen desnoods vast in een een overeenkomst. Geef je grenzen aan en bewaak ze.

En ja, maken in opdracht betekent soms dat je met zevenentachtig betrokkenen in discussie bent. Dan weer langs de lijnen van de inhoud, naar goed Haags gebruik, dan weer over hoofdzaken als de kleur van de grond op het affiche van de voorstelling. Zorg dat je die wint. Zodat zij vragen en jij draait.

Bureau Pees

Peter Dictus is schrijver, theatermaker en artistiek en zakelijk leider bij productiehuis Bureau Pees. Bureau Pees gaat geregeld aan de slag met urgente thema’s die spelen in onze samenleving. Soms in opdracht en soms vanuit eigen initiatief en persoonlijke betrokkenheid bij een thema.

Peter Dictus organiseert samen met Kunstloc Brabant een verdiepende bijeenkomst voor Brabantse makers over het al dan niet werken in opdracht bij maatschappelijke vraagstukken. 

Meer informatie over het CAB-Café

Fotograaf: Rob ten Broek

Peter Dictus

Schrijver, theatermaker en artistiek en zakelijk leider bij productiehuis Bureau Pees