Brabant kan niet zonder vitale culturele sector

– Beeld door Martine Beetz

Vorige week is het coalitieakkoord gepresenteerd van het nieuwe provinciebestuur. Er komt een gedeputeerde voor vrije tijd, en cultuur is onderdeel van deze portefeuille. De keuze om geen gedeputeerde cultuur te benoemen is op zijn minst opvallend. Het suggereert dat dit bestuur een andere koers gaat varen: meer aandacht voor de vrijetijdssector, minder voor culturele sector.

– Geschreven door Nienke van Boom

Het is goed te constateren dat het bestuur het belang van de vrijetijdssector onderkent. Deze sector, waarbij we moeten denken aan o.a. attracties, evenementen, sport, horeca, toerisme en recreatie, is in onze provincie goed voor ongeveer 12% van de werkgelegenheid en ca. 6 miljard bestedingen per jaar. De provincie heeft de laatste jaren stevig ingezet om deze sector te laten groeien, en door deze nu specifiek te benoemen lijkt het erop dat dit beleid wordt doorgezet. Als vrijetijdwetenschapper kan ik dat alleen maar toejuichen.

Toch knaagt er iets. Het nieuwe provinciebestuur lijkt cultuur te beschouwen als onderdeel van die vrijetijdseconomie. Daar is in zekere zin iets voor te zeggen: veel van het werk dat in de cultuursector ontstaat wordt in de vrije tijd geconsumeerd, en het hangt sterk samen met andere onderdelen van het veld: toerisme en recreatie, festivals en evenementen en media. Een aantrekkelijk cultureel klimaat werkt door in een aantrekkelijk recreatie- en leefomgeving, onderscheidende evenementen en unieke mediaproducties. Een integraal perspectief op de vrijetijdsector zou die relaties dus alleen maar kunnen versterken.

Toch knaagt er iets. Het nieuwe provinciebestuur lijkt cultuur te beschouwen als onderdeel van die vrijetijdseconomie.
Bosch Parade editie 2019 in ‘s-Hertogenbosch | Beeld door: Ben Nienhuis
Bosch Parade editie 2019 in ‘s-Hertogenbosch | Beeld door: Ben Nienhuis

Maar schuilt achter deze keuze werkelijk een strategie om tot een integraal perspectief te komen? De verkiezingsprogramma’s van de coalitiepartners lijken te suggereren dat cultuur een gesubsidieerde hobby is voor een selecte groep liefhebbers. Cultuur moet vooral aansluiten op de behoefte van alle inwoners van Brabant – zo is de gedachte. Cultuur als hobby, dus onderdeel van vrije tijd.

Dat is niet alleen een miskenning van het enorme belang van de vrijetijdssector, maar ook van de waarde van cultuur. Cultuur zegt iets over hoe wij onze samenleving hebben ingericht: het laat ons ontdekken, ervaren, delen en bevestigen wat we goed of slecht, mooi of lelijk, en belangrijk of banaal vinden. Een sterke vrijetijdseconomie kan niet zonder een sterke cultuursector: waar ruimte is voor lokale culturele verenigingen, maar ook voor talentontwikkeling en carrières, experiment en innovatie, en inspirerende professionele artistieke producties met allure en verbeeldingskracht. Het een kan niet zonder het ander bestaan.

Cultuur zegt iets over hoe wij onze samenleving hebben ingericht: het laat ons ontdekken, ervaren, delen en bevestigen wat we goed of slecht, mooi of lelijk, en belangrijk of banaal vinden.
Hobbylijm | Beeld door Martine Beetz
Hobbylijm | Beeld door Martine Beetz

Juist in een tijd waarin de culturele sector onder enorme druk staat verdient zij een bestuur dat hen op waarde schat. Als dit bestuur de vrijetijdseconomie werkelijk serieus wil nemen, dan hoort een vitale culturele sector daar wezenlijk onderdeel van uit te maken. Alleen zo komen wij tot een fijn, concurrerend en levendig Brabant.

Ik wens de gedeputeerde veel wijsheid toe.

Deze opinie verscheen eerder ook in het Brabants Dagblad.

Uiteraard plaatsen we graag ook jouw reactie op het coalitieakkoord. Mail ons jouw opinie, reactie, uiting (in welke vorm dan ook) naar anouck@mestmag.nl.

Share on Facebook0Share on LinkedIn0Tweet about this on Twitter
Geen reacties

Geef een reactie