Duidelijke taal bij de gemeenteraads- verkiezingen van Breda

Op 21 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen. En als je dit artikel leest is de kans groot dat je ook de stemformulieren begrijpt. Dat geldt niet voor iedereen; ongeveer 1 op de 10 mensen in West-Brabant is laaggeletterd. Waar loop je dan, in de maatschappij en bij de verkiezingen, tegenaan? En hoe pakt de lokale politiek laaggeletterdheid aan?

– Geschreven door Karien Verhappen

In gesprek met wethouder Zorg, Onderwijs en Dienstverlening en lijsttrekker van de PvdA Miriam Haagh, beleidsambtenaar onderwijs en cultuur Anne-Rienke Hendrikse, GroenLinks raadslid Monica Tecklenburg, accountmanager bij Nieuwe Veste Lianne Knobel en projectleider ‘Versterken taalvaardigheid’ bij Cubiss Yvonne van den Berg.

Laaggeletterdheid op de agenda van Breda

Met de gemeenteraadsverkiezingen voor de deur zijn de programma’s van de partijen in Breda voor de komende vier jaar bekend gemaakt. In een aantal van die programma’s komt het thema laaggeletterdheid nadrukkelijk voor. ‘Iedereen moet mee kunnen doen in onze samenleving’ is de algehele strekking en daarvoor is een goede beheersing van de Nederlandse taal onmisbaar. Ook in de politiek is de bewustwording en aandacht omtrent laaggeletterdheid dus toegenomen. Taal mag geen drempel meer zijn. Voor niemand niet.

Een goede beheersing van de Nederlandse taal is onmisbaar.
Een goede beheersing van de Nederlandse taal is onmisbaar.

Achterstand op taal heeft vergaande gevolgen

Miriam: “Als we vragen van mensen dat ze zelfredzaam zijn, dan moeten we ervoor zorgen dat de zaken begrijpelijk zijn. Ook voor mensen die moeite hebben met taal.” Het probleem van laaggeletterdheid gaat verder dan het niet begrijpen van tekst. Yvonne: “Ga maar na: als je een rekening niet begrijpt, hoe kun je hem dan betalen?” Miriam: “Laaggeletterden leven gemiddeld korter. Het verkeerd lezen van een bijsluiter kan vergaande gevolgen hebben. Ook gaat laaggeletterdheid vaak samen met schulden.” Inzetten op taalvaardigheid leidt daarmee ook tot beter welzijn en een sterkere economie, zo blijkt uit deze publicatie van Stichting Lezen en Schrijven.

“Wanneer taal verbetert, verbeteren andere vaardigheden ook. En de zelfverzekerdheid stijgt ook.” – Yvonne van den Berg

Hoe het voelt als je het niet goed genoeg begrijpt

Yvonne: “Laaggeletterd zijn voelt alsof je in China rondloopt zonder kennis van de taal, maar dan iets minder extreem. Als je bijvoorbeeld een sheet ziet met een lange zin, dan vallen belangrijke woorden uit die zin weg. Een aantal woorden begrijp je wel, maar door het wegvallen van die andere woorden valt er toch geen chocola van te maken.” Monica: “In mijn directe omgeving zie ik wat het betekent als alles abracadabra voor je is. En juist die groep heeft te maken met instanties als het UWV en de gemeente.” Bij uitstek plekken waar je aanvragen doet en belangrijke formulieren invult.

Politieke taal: nog een graadje erger

Lianne: “De politiek staat al niet bekend om zijn duidelijke taal, laat staan als je er moeite mee hebt. En het komt ook daardoor dat mensen zich niet aangesproken voelen en weerstand ervaren. Ze krijgen niet de kans daaruit te komen, deelnemen is te moeilijk.”

“Iemand kan het gevoel hebben dat politiek niet voor hem of haar is, omdat deelnemen door het hoge taalniveau te ingewikkeld is.” – Lianne Knobel

Miriam: “Een ambtelijke brief of politiek debat is lastig door het taalniveau en de woordkeus. Het is aan de politiek, maar ook aan instanties en bedrijven, om concreter te zijn. Zo hebben wij bijvoorbeeld geleerd dat het beter is korte zinnen en alinea’s te gebruiken: less is more. Niet alleen voor laaggeletterden trouwens, voor iedereen.”

Het probleem van twee kanten bekijken

Het verminderen van laaggeletterdheid kun je dus van twee kanten benaderen. Enerzijds het helpen van laaggeletterden bij hun taalbeheersing, iets waar met bijvoorbeeld taalhuizen en taallessen hard aan gewerkt wordt. Anderzijds het helpen van organisaties en instanties bij het verduidelijken van taal. Yvonne: ‘Stichting ABC werkt met een testpanel. Dat controleert bijvoorbeeld op te lange zinnen en ingewikkelde woorden. Het panel bestaat uit mensen die laaggeletterd waren en dus weten hoe het is. Het testpanel kan ook worden ingezet als mystery guest. Om de bewegwijzering in bijvoorbeeld ziekenhuizen te testen en mee te denken over hoe het begrijpelijker kan. Ze kijken ook partijprogramma’s na; dit hebben ze onlangs in Breda nog gedaan.”

Informatieavond Nieuwe Veste
Informatieavond Nieuwe Veste

Maandag 5 maart: informatieavond in de Nieuwe Veste

Het zijn die twee kanten van laaggeletterdheid die in de informatieavond op 5 maart in Nieuwe Veste bij elkaar komen. Yvonne: “Die avond benoemt het testpanel welk partijprogramma de duidelijkste taal bevat.” Lianne: “We zullen het ook hebben over wat stemmen betekent en wat je eraan hebt. En er is een zoomer waarmee het publiek kan laten weten wanneer het te ingewikkeld wordt. Ik weet zeker dat die een aantal keer zal afgaan.” Een groot deel van de Bredase partijen heeft al toegezegd erbij te zijn. Miriam: “Ik hoop dat de aanwezigen hun stem willen uitbrengen. Dat betekent niet dat ze alle programma’s hoeven te lezen, het kan ook inhouden dat ze samen met iemand de stemwijzer invullen.” In voorbereiding op de verkiezingen maakte Prodemos, Huis voor Democratie en Rechtstaat, onderstaande verkiezingskrant in duidelijke taal:

Laaggeletterdheid: persoonlijke verhalen maken indruk

Monica: “In de politiek kreeg ik te maken met vluchtelingen en laaggeletterdheid.

Die confrontatie zorgde ervoor dat ik weer les ging geven. Ik heb mijn certificaat NT2 docent, Nederlands als tweede taal, behaald. Nu geef ik les aan mensen die hun Inburgeringsexamen willen doen. Als je de mensen zelf spreekt, besef je pas hoe belangrijk het is.”

 

Miriam: “Verhalen van mensen die het lang voor zich hebben gehouden maken indruk: ze hebben allemaal een overlevingsstrategie toegepast. Daar heb ik veel respect voor, maar ik hoop dat we er eerder doorheen kunnen prikken. Er gaat een wereld open voor mensen wanneer ze taalvaardiger worden, maar ze beseffen ook wat ze gemist hebben. Lang voor ik raadslid werd had ik een huishoudelijke hulp, zij kwam als ik een thuiswerkdag had. Dat veranderde en ze ging werken op dagen dat ik er niet was, ik liet dan briefjes achter. Ik dacht dat dingen niet gebeurden omdat ik er niet was, maar het was een eye opener toen bleek dat ze niet kon lezen. Vanaf toen ging ik weer thuiswerken op die dagen en gaf ik taalles.” Anne-Rienke: “Het verhaal van taalambassadeur Jan Kemps maakte op mij veel indruk. Vanwege zijn optimisme en kracht, ondanks de kansen die hij in zijn carrière heeft gemist als gevolg van laaggeletterdheid.”

“Veel laaggeletterden schamen zich, terwijl we met weinig inzet iets kunnen doen.” – Miriam Haagh

In het verleden behaalde resultaten

Lianne: “In de afgelopen jaren is de bewustwording in Breda over laaggeletterdheid toegenomen.” Miriam: “We hebben er bij de gemeente hard aan gewerkt om laaggeletterdheid te signaleren. Aan het loket bijvoorbeeld, waar we smoezen horen als ‘ik ben mijn leesbril vergeten’ en ‘ik kijk het thuis nog even na’. Maar ook met medewerkers zelf: bij Afvalservice startten we bijvoorbeeld met het werken met tablets, daarvoor heb je een bepaald taalniveau nodig. Medewerkers konden taallessen volgen onder werktijd. Ook bij de gemeente werd gedacht: dat komt hier niet voor. Maar iedereen kent iemand die er moeite mee heeft, ook al denk je dat het in jouw omgeving niet voorkomt.”

De volgende stap, met een nieuw college

Monica: “Je kunt mensen een cursus geven. Dan worden ze enthousiast en gaat het beter. Maar doe je er daarna niets meer aan, dan is dat na een paar jaar weer weg. Het is zo belangrijk om een blijvende aanpak te hebben. En dat er meer snelheid en financiële ruimte komt om professionele steunpilaren te versterken, bijvoorbeeld in de vrijwilligerscoördinatie of didactiek.” Miriam: “Voor de toekomst wens ik dat alle vrijwilligersinitiatieven verder ondersteund en getraind kunnen worden. En we moeten blijven nadenken over hoe we de verborgen groep laaggeletterden bereiken.”

“We moeten samen kijken hoe we de ‘verborgen’ laaggeletterden kunnen betrekken en verleiden naar plekken te komen waar ze hun taalvaardigheid kunnen verbeteren.” – Monica Tecklenburg

Monica: “Die mensen zijn niet onzichtbaar, ook zij komen op scholen of gaan naar de huisarts.” Anne-Rienke: “Samenwerking hierin is belangrijk. De omvang van de opgave op het gebied van laaggeletterdheid is zo groot dat we die vanuit de vraag van de laaggeletterde zo efficiënt en effectief mogelijk uitvoeren. Dat kan alleen met samenwerking. En mèt laaggeletterden, niet voor hen.” Lianne: “Het is belangrijk dat laaggeletterden horen en zien dat ze niet de enigen zijn, zodat ze durven en willen komen. En ze moeten weten dat we er iets aan kunnen doen. Als straks het college bekend is zullen wij de nieuwe raadsleden meteen uitnodigen op het taalhuis.”

Dit artikel kwam tot stand dankzij onze partner Cubiss.

Share on Facebook8Share on LinkedIn0Tweet about this on Twitter
Tags:
Geen reacties

Geef een reactie